3 maart 2023

Galápagos; nu echt?

Nog even en dan gaan we naar de Galapagos!
De bakermat van de evolutietheorie, daar waar Charles Darwin de basis legde voor zijn boek "On the origin of species". 

Daar waar al lang in onze tijd nog schildpadden leefden die mogelijk nog door Charles Darwin zijn gezien. De eilandengroep met een enorme diversiteit aan natuur, aan vulkanen, flora en fauna. Een plek waar de dieren de mens niet als natuurlijke vijand zien en je dus heel dichtbij kunt komen. Daar waar de dieren meer recht hebben op een plek dan de mensen; de mens moet ten alle tijden uitwijken voor de dieren. Een eilandengroep die vrijwel in z'n geheel een nationaal park is en waar maar op zeer beperkte plekken mensen zijn toegestaan. 
Kortom, een bestemming die al zeker twintig jaar of langer bovenaan de wensenlijst staat om te bezoeken. En nu gaan we dan!!

Tenminste......als we dit keer verder komen dan het vliegveld en niet in de cel belanden....

Bijna zeven jaar geleden inmiddels, juni 2016, vertrokken wij ook vol enthousiasme en vol verwachting naar Ecuadar. We vlogen naar Quito, waar we een dag zouden hebben om de stad te bezichtigen om vervolgens door te vliegen naar de Galapagoseilanden, die bij Ecuador horen. Daar zouden we aan boord gaan van een luxe jacht en een volle week om en langs de eilanden varen. We waren voorbereid, hadden hard gewerkt en waren echt toe aan deze bijzondere vakantie.

Na een prima vlucht van twaalf uur landden we uiteindelijk op het vliegveld van Quito, de hoofdstad van Ecuador. We waren moe, maar enthousiast dat we geland waren. Met onze handbagage togen we naar de douane. Het paspoort van mij ging vlekkeloos door het systeem. Bij het paspoort van Jaap haperde dit, en nog een keer, en nog een keer. Degene die ons paspoort vast had begon steeds bezorgder te kijken en daarmee werden wij ook bezorgder. Was er iets mis, vroegen we. Dat was er zeker. Volgens het systeem was Jaap al elf jaar illegaal in het land!
We begonnen in eerste instantie een beetje te lachen, we kwamen tenslotte rechtstreeks uit het vliegtuig uit Amsterdam, dus Jaap kon nooit illegaal in het land zijn. Dat lachen verging ons snel. Hoewel we inderdaad net uit Amsterdam kwamen en het paspoort van Jaap vol stond met stempels van landen waar we ondertussen geweest waren, kon hun computersysteem toch niet liegen. Jaap was al jaren illegaal in het land en dat was dus een probleem! De supervisor kwam erbij; een klein mannetje met teveel strepen op zijn schouders en deze was rigoureus; Jaap kon zo het land niet in.
We werden boos, maar dat was de verkeerde reactie; binnen no-time stonden er een paar mannetjes van de marechaussee met geweren in de hand om ons heen. Of we mee wilden gaan naar een ruimte om te praten. Verbijsterd liepen we mee, we hadden tenslotte ook geen keus. 

De ruimte om te 'praten' bleek echter niet zomaar een ruimte te zijn. Het was de cel waar we in belandden. Een ruimte zonder ramen met een paar hufter-proof stoelen die zo loodzwaar zijn dat je ze onmogelijk kunt verplaatsen. Er was een natte ruimte die deels door een muur was afgesloten, zonder deur. Hier was een roestvrij stalen wc en wasbak. Eén bewaker bleef bij ons, de rest vertrok. Daar zaten we dan, samen, met onze handbagage, volkomen verbijsterd over wat er zojuist was gebeurd.  



En daarmee begon het verstrijken van de tijd. Een tijd waarin we heel veel vragen hadden, die niet werden beantwoord. We hadden geen idee waar we aan toe waren of wat we moesten verwachten. En dus deden we het enige wat we konden doen; bellen, heel veel bellen! De reisorganisatie, de verzekering, de ambassade, een advocaat. We zochten van alles op op internet wat ons zou kunnen helpen. Gelukkig was er een stopcontact en was er deels wifi, anders hadden we het nooit gered zonder onze telefoons. De telefoonkosten van die ene dag bleken later torenhoog. 

We kregen een idee; we bewaren altijd onze oude paspoorten. In één van die oude paspoorten van Jaap moet het uitreis-stempel staan die hij kreeg toen hij Ecuador verliet. We belden Jaap zijn oudste zoon Frank uit bed (in Nederland was het inmiddels nacht) met de opdracht om naar ons huis te gaan en met instructies onze paspoorten op te snorren. Dat heeft hij gedaan en hij stuurde dan ook direct foto's van het paspoort en de bewuste pagina met het uitreisstempel van Ecuador erbij. Nu zou het vast snel goed komen. 

En ja, hoewel er soms een bewaker kwam die het met ons eens was, dat we nu ons gelijk konden aantonen, kwamen er vooral bewakers om het hoekje kijken om te zien wat voor criminelen er nu in de bak zaten. Hele nare sfeer. We moesten in ieder geval de foto van het paspoort mailen naar het adres van de supervisor, dan zou het goed komen.

Ondertussen zaten we al negen uur in de cel. En al die tijd zonder eten of drinken. Het laatste uur in het vliegtuig hadden we ook niets meer gehad en we waren al dorstig op het vliegveld aangekomen, maar nu begon dat wel vervelend te worden. Het water uit de kraan is niet drinkbaar, dus dat bood geen oplossing. Ondanks vele malen vragen, kregen we geen drinken. Tot ik een hoop stennis begon te maken; vertelde dat mijn man medicijnen gebruikt die in de ruimbagage zitten, dat hij die MOET hebben anders is het hun schuld als er iets gebeurt met mijn man, dat het medisch noodzakelijk is dat we drinken krijgen, etcetera. Het had effect; we kregen gezamelijk een halve liter water (één bekertje per persoon zo'n beetje), onze koffers werden bij ons gebracht en ze bleven met vijf of zes man in een halve cirkel om ons heen staan. Ze konden hoog en laag springen, die koffers kregen ze niet meer mee! Het is wonderlijk om te merken wat er met je gebeurd in zo'n situatie, wat belangrijk gaat worden en hoe je reageert. 

Al ons bellen had helaas geen enkel effect. Niemand kon ons helpen. Vanuit de ambassade vonden ze zelfs dat het ons eigen gecreëerde probleem met de overheid van Ecuador was en dan helpt een ambassade niet. Het was ontluisterend. Daar zaten we met ons goede gedrag, in de cel in plaats van op weg naar een fantastische vakantie. En inmiddels was de dienst van de supervisor afgelopen en was deze naar huis gegaan. Het begon steeds meer door te dringen dat er niks was wat we konden doen, dat we het land écht niet inkwamen en dat we de rest van de nacht in de cel zouden zitten. Een heel scala aan emoties wisselden elkaar voortdurend af, bij mij dan, Jaap was alleen maar ontzettend boos. 

We hadden inmiddels weer dorst en ook honger. De ene bewaker die de hele tijd bij ons was, probeerde af en toe via Google translate nog contact te maken. Hoewel hij niets kon doen en we hem echt niet konden verstaan, was hij niet onaardig. We vroegen hem of hij eten voor ons wilden kopen op het vliegveld; voor allebei een frietje, een hamburger, een flesje cola en een grote fles water en we gaven hem 50 dollar. Het duurde even, maar hij ging dit inderdaad voor ons doen. Hij kwam terug met twee frietjes, één hamburger, één flesje cola en een grote fles water; totale kosten 47 dollar. We voelden ons enorm genaaid, maar waren heel blij iets te eten en drinken te hebben. De volgende dag ontdekten we dat dit ook echt de prijzen waren op het vliegveld.

We hebben niet geslapen. Dat kon ook niet in die stugge stoelen en zonder bed. In een ruimte waar het ofwel bloedheet, ofwel heel koud was, waarin de enorme felle tl-lampen aan waren of het volslagen pikkedonker was. We doden de tijd met zoeken op internet, naar vergelijkbare situaties (die er niet waren), we deden wat spelletjes, we probeerden te lezen, maar vooral probeerden we wat rustig te blijven. De nacht ging langzaam voorbij, de bewakers wisselden af en de nieuwe dag begon.

In de ochtend kwam de KLM-stationmanager bij ons langs. We hadden hier nog nooit van gehoord, maar die heb je schijnbaar op elk vliegveld waar KLM naar toe vliegt. Deze man sprak goed engels, was ook wel eens in Nederland geweest en schaamde zich dood hoe de autoriteiten van zijn land zich naar ons opstelden. Hij vroeg hoe onze maaltijd was geweest en wat we hadden ontbeten. We vertelden wat we gister hadden laten bezorgen en dat we nog geen ontbijt hadden gehad. Nu verbazing bij deze man; de vorige avond had hij schijnbaar geregeld dat er maaltijdvouchers voor ons achter gelaten werden. Die bleken de bewakers dus voor zichzelf ingenomen te hebben. Deze man ging meteen voor ons aan de gang en enige tijd later hadden we een ontbijt van pannenkoeken en eieren voor onze neus staan. 

Ook deze man heeft enorm zijn best gedaan om de 'verbanning' van Jaap ongedaan te maken, maar als een supervisor eenmaal iets heeft besloten, wordt dat niet meer ongedaan gemaakt. Hij kreeg het niet voor elkaar. En dat betekende dat we met het eerste vliegtuig weer terug gestuurd zouden worden. Het vliegtuig wat dus eind van de middag zou vertrekken. Er zouden stoelen op de 'criminelenplek' in het vliegtuig gereserveerd zijn voor ons. Een plek waarvan onder meer de stoelen niet naar achter kunnen, wat op zo'n lange vlucht uiteraard niet fijn is. Hij zou proberen of hij daar iets aan kon veranderen.

De tijd vorderde langzaam. Weer bleven we proberen te bellen met de ambassade en met andere mensen die misschien iets konden doen, alles zonder resultaat. En aan het eind van de dag werden we onder bewaking over het vliegveld helemaal tot het begin van de gate gebracht. Het moet een gek gezicht zijn geweest voor iedereen die al zat te wachten op het vliegveld; twee Nederlanders die door bewakers met geweren naar de gate gebracht werden, maar het kon ons niets meer schelen. We hadden meer dan 40, 45 uur niet geslapen, we hadden nauwelijks gegeten, we zaten vol met emoties. We waren helemaal op.

En toen kwam de KLM-stationmanager nog een keer. Dit keer had hij de hele KLM crew bij zich aan wie hij ons verhaal had verteld. De bemanning kwam in een kring om ons heen staan en vertelden volkomen verbijsterd te zijn wat er met ons was gebeurd. Ze wilden ons niet op de 'criminelenplek' naar huis brengen. In plaats daarvan hadden ze geregeld dat we business class mochten terug vliegen en zouden ze ons op de vlucht zoveel mogelijk verwennen. Sindsdien hebben we twee KLM-huisjes thuis staan. 

En dát hebben ze gedaan!!! Wat een enorme fijne mensen bij de KLM, wat ontzettend fijn dat ze dit voor ons deden. En wat een enorme lieve stewardessen; elke keer als ik emotioneel werd kwamen ze naar me toe, even een knuffel geven, even een praatje maken, even er zijn. Fantastisch!! En zó enorm welkom!

Eenmaal thuis begon 'de strijd'. Het bleek dat we van ons geld helemaal niets terug kregen van de annuleringsverzekering. De situatie stond namelijk niet beschreven als een situatie waarbij uitgekeerd wordt en dus heb je nergens recht op. Natuurlijk stond zo'n situatie niet beschreven, zoiets was nog niet eerder voorgekomen! Het was ongelooflijk; niet alleen waren we niet op vakantie, ook kregen we helemaal niets van ons geld terug. En daarnaast was de verbanning van Jaap natuurlijk volkomen onterecht. 

Dit konden we niet laten bestaan en dus hebben we onze contacten in de media aan geslingerd. Er kwam een groot artikel in de Telegraaf, in het Eindhovens Dagblad, op Omroep Brabant, we kwamen op tv voor Hart van Nederland en bij Omroep Max en zeer veel websites besteden er een artikel aan. Het gaf een hoop aandacht, maar we schoten er niks mee op. We kregen hooguit "uit coulance" een klein bedrag voor een klein deel van de kosten van één persoon terug. De rest van het geld waren we kwijt. Het Ministerie van Buitenlandse zaken heeft z'n excuses aangeboden voor het feit dat ze ons niet hadden geholpen, terwijl dat wel zo had moeten zijn. Er werd een grote bos bloemen bezorgd en de training van degene die telefoondienst hadden is aangepast. 

Vanuit Ecuador werd de verbanning van Jaap opgeheven, ze hebben toegegeven dat ze fout zaten. Tijdens de eerste keer dat Jaap in Ecuador was werden de douane-activiteiten door de politie uit gevoerd en nu door de immigratiedienst (of zoiets), waardoor ze een nieuw computersysteem hadden en bij de omzetting is waarschijnlijk het vinkje in het systeem niet meegenomen, waardoor Jaap als illegaal te boek stond. We kregen een officieel document waar dit op bevestigd staat. 

Al met al waren we een trauma rijker en een illusie en een hele hoop geld armer. Dit heeft wel even geduurd om te zakken. Inmiddels zijn we bijna zeven jaar verder en is de wens om de Galapagoseilanden te bezoeken nog steeds aanwezig. "Durven jullie nog wel heen", "zou je dat nog wel doen" en "ik zou nooit meer naar dat land gaan" zijn zinnen die we veel horen de laatste tijd.

Het boeken van een nieuwe reis hebben we dan ook niet zomaar gedaan. We hebben een hele stapel papieren die we in de loop der tijd verzameld hebben. En voordat we hebben geboekt, hebben we eerst contact gehad met de ambassadeur van Ecuador in Nederland, welke zowel telefonisch als per mail heeft bevestigd dat we vrijelijk het land in en uit kunnen reizen.

En dan is het bijna zover. We hebben een prachtige reis geboekt bij een Nederlandse vrouw die in Ecuador woont en ons destijds veel geholpen heeft. Zij heeft daar een reisbureau en heeft veel met ons gemaild en goed naar onze wensen geluisterd. 

We hebben er alle vertrouwen in dat we over een aantal dagen écht in Ecuador zijn!!




21 augustus 2022

Dag 11; Von Otterøya - Wahlenbergfjord

Wanneer we opstaan is het weer compleet veranderd. Er is een strakblauwe lucht, de zon schijnt en het water is enorm vlak. Langzamerhand varen we naar Augustbukta; een baai aan de westkant van Nordauslandet. Dit deel ligt tussen twee ijskappen in. De groep gaat aan land. Jaap en ik blijven aan boord, Jaap heeft veel last van zijn achillesspees en ik ben ontzettend moe. Met z’n tweeën zitten we op het dek op klapstoeltjes in de zon, te genieten van het uitzicht. 



De groep is allang een eind weg, wanneer ik ineens een poolvos op het strand zie. Een prachtig beestje in een hele mooie kleur. Later hoor ik dat dit een zogenaamde ‘blauwvos’ is. Deze loopt over het strand, naar de zak met reddingsvesten en laarzen van de wandelaars. Het vosje loopt er een paar keer omheen, snuffelt wat aan die vreemde objecten en loopt dan snel weer door. Vanaf de boot hadden we er prachtig zicht op, de wandelaars hebben deze niet gezien.




Wanneer de wandelaars terug zijn, varen we weer door, door de Hindelopenstraat heen. Het is een heel rustig vaarwater, compleet anders dan een paar dagen geleden toen we dit water niet of nauwelijks over konden steken. Onderweg zien we bultrugwalvissen en in de verte nog wat vinvissen.







We varen het Wahlenbergfjord in en gaan direct de Palandarbukta in. Het idee was dat we aan de andere kant van dezelfde landingsplaats als vanmorgen zouden gaan liggen en wandelen, maar daar lag een groot Hurtigruten schip. In plaats daarvan werd een plekje gezocht aan de oostkant van de baai. En daar lag een enorme kudde walrussen!

Met de zodiacs gaan we weer aan land. Een kleine groep gaat proberen de berg te beklimmen, waarvan we later horen dat dit niet is gelukt. Met het grootste deel van de groep gaan we naar de walrussen. Ook nu kunnen we heel dichtbij de walrussen komen. Het is een groep van vrouwtjes en jongen. Wat heel leuk was, was dat er drie walrussen in het water heel nieuwsgierig waren. Om de haverklap doken ze vlakbij ons op, keken ons aan en doken weer onder met een hoop gespetter. Het is heel koddig om te zien!














We lopen via een kleine omweg weer terug en keren terug naar de Antigua. Een aantal blijven achter, die zijn zo stoer om een duik te gaan nemen in het poolwater.

Nadat iedereen, zowel de wandelaars als de zwemmers, weer aan boord waren, werd het anker weer gehesen. We varen het Wahlenbergfjord in, helemaal tot het eind. Op diverse plekken komt de ijskap die Nordauslandet bedekt, tot aan het water. Anders dus dan een gletsjer, maar ook hier ijs tot aan het water.





En de hele dag scheen de zon en was er geen wolkje aan de lucht. Aan het einde van de dag was het water spiegelglad. Wat een prachtige dag! 

20 augustus 2022

Dag 10: Lomfjorden - Alkefjellet - Von Otterøya

 Na een rustige nacht werden we om kwart voor zeven wakker van het ophalen van het anker. Niet lang daarna varen we verder. We konden op ons gemak ontbijten en op het moment dat we klaar waren, kwamen we juist aan bij Alkefjellet. Een prima timing dus.

Alkefjellet is een klif die helemaal bedekt is met dikbekzeekoeten, drieteen meeuwen en burgermeester meeuwen. Volgens schattingen zouden er zo’n 60.000 paartjes zeekoeten zitten. We hebben ze niet geteld, maar het zijn er veel, ontzettend veel! Overal waar je kijkt zie je vogels, vogels en nog eens vogels. Elk richeltje op de rots is gevuld met zeekoeten. 








Boven de zeekoeten nestelen de meeuwen. Onderaan zie je nog een aantal burgermeestermeeuwen, die jagen op jonge zeekoeten. We zien dat er een jonge zeekoet uit de zee gevist wordt en naar de rotsen meegenomen. Daar blijkt die nog te leven en doet z’n best om te ontsnappen, wat niet lukt. Aan de rots te zien is het niet het eerste jong wat daar verorberd werd.




De jongen laten zich van de rotsen vallen de zee in. Ze kunnen nog niet vliegen en de vaders blijven erbij. Je ziet dan ook veel jongen in zee met een volwassen zeekoet ernaast.



Veel zeekoeten vliegen rond, de meesten vliegen van of naar hun richel. Sommige landen in de zee en dat is niet hun sterkste kant. Eigenlijk laten ze zich gewoon vallen en stuiteren nog wat op de golven tot ze stil liggen.



Het is al met al een geweldig gezicht en ook geluid. We varen er drie keer langs op heel korte afstand. Uiteindelijk varen we door, op weg naar Whalbergøya, een eiland tussen Spitsbergen en Nordauslandet. Wanneer we daar aankomen, zien we een kleine kudde walrussen op het strand liggen. Op de achtergrond drijven de ijsschotsen voorbij.

Met de zodiacs gaan we aan land. Het is koud, enorm koud en er staat een harde wind. Langzaam lopen we dichter en dichter naar de walrussen toe. Ze trekken zich er niets van aan en blijven gewoon liggen. We hebben alle tijd om ze te bekijken en te fotograferen. Af en toe komt er een walrus aan land en die wurmt zich dan tussen de anderen. Lekker warm liggen ze bij elkaar. De grote slagtanden hebben duidelijke groeven. Soms zijn ze het niet eens met elkaar en komen ze met hun koppen wat omhoog en knorren wat naar elkaar, waarna de rust weer lijkt weer te keren. In de zee eromheen zien we steeds weer walrussen hun kop boven water uitsteken. Er moeten al met al nog heel veel walrussen in het water liggen.










Eén groep gaat nog een stuk wandelen over het eiland, de anderen blijven net als wij, nog bij de walrussen om ze nog meer te fotograferen en te bekijken. Uiteindelijk worden we heel erg koud en lopen we terug. Net als elke keer verzamelen we ook nu het plastic wat we onderweg vinden en nemen dat mee aan boord.

De kachel wordt aan gezet en met een warme chocolademelk (al dan niet met een shotje drank erin) worden we langzamerhand weer warm.

We varen nog een klein stukje verder, naar een volgend eiland: Von Otterøya, waar we in een bijna omsloten baai voor anker gaan. Het is een prachtige avond en na het diner gaan we nog een landing maken. Ook nu gaan we in twee groepen uit elkaar; Jaap gaat met Sarah mee en ik ga, samen met nog één ander iemand, met de kapitein Serge mee. Het is een enorm rotsachtige bodem. Vanaf boven hebben we prachtig zicht op de steeds lager staande zon die op de baai en op de Antigua schijnt. En aangezien het zo’n zeldzaam mooie avond is, maken we nog een zeldzaam verschijnsel mee; muggen op Spitsbergen!