Pagina's

20 augustus 2022

Dag 10: Lomfjorden - Alkefjellet - Von Otterøya

 Na een rustige nacht werden we om kwart voor zeven wakker van het ophalen van het anker. Niet lang daarna varen we verder. We konden op ons gemak ontbijten en op het moment dat we klaar waren, kwamen we juist aan bij Alkefjellet. Een prima timing dus.

Alkefjellet is een klif die helemaal bedekt is met dikbekzeekoeten, drieteen meeuwen en burgermeester meeuwen. Volgens schattingen zouden er zo’n 60.000 paartjes zeekoeten zitten. We hebben ze niet geteld, maar het zijn er veel, ontzettend veel! Overal waar je kijkt zie je vogels, vogels en nog eens vogels. Elk richeltje op de rots is gevuld met zeekoeten. 








Boven de zeekoeten nestelen de meeuwen. Onderaan zie je nog een aantal burgermeestermeeuwen, die jagen op jonge zeekoeten. We zien dat er een jonge zeekoet uit de zee gevist wordt en naar de rotsen meegenomen. Daar blijkt die nog te leven en doet z’n best om te ontsnappen, wat niet lukt. Aan de rots te zien is het niet het eerste jong wat daar verorberd werd.




De jongen laten zich van de rotsen vallen de zee in. Ze kunnen nog niet vliegen en de vaders blijven erbij. Je ziet dan ook veel jongen in zee met een volwassen zeekoet ernaast.



Veel zeekoeten vliegen rond, de meesten vliegen van of naar hun richel. Sommige landen in de zee en dat is niet hun sterkste kant. Eigenlijk laten ze zich gewoon vallen en stuiteren nog wat op de golven tot ze stil liggen.



Het is al met al een geweldig gezicht en ook geluid. We varen er drie keer langs op heel korte afstand. Uiteindelijk varen we door, op weg naar Whalbergøya, een eiland tussen Spitsbergen en Nordauslandet. Wanneer we daar aankomen, zien we een kleine kudde walrussen op het strand liggen. Op de achtergrond drijven de ijsschotsen voorbij.

Met de zodiacs gaan we aan land. Het is koud, enorm koud en er staat een harde wind. Langzaam lopen we dichter en dichter naar de walrussen toe. Ze trekken zich er niets van aan en blijven gewoon liggen. We hebben alle tijd om ze te bekijken en te fotograferen. Af en toe komt er een walrus aan land en die wurmt zich dan tussen de anderen. Lekker warm liggen ze bij elkaar. De grote slagtanden hebben duidelijke groeven. Soms zijn ze het niet eens met elkaar en komen ze met hun koppen wat omhoog en knorren wat naar elkaar, waarna de rust weer lijkt weer te keren. In de zee eromheen zien we steeds weer walrussen hun kop boven water uitsteken. Er moeten al met al nog heel veel walrussen in het water liggen.










Eén groep gaat nog een stuk wandelen over het eiland, de anderen blijven net als wij, nog bij de walrussen om ze nog meer te fotograferen en te bekijken. Uiteindelijk worden we heel erg koud en lopen we terug. Net als elke keer verzamelen we ook nu het plastic wat we onderweg vinden en nemen dat mee aan boord.

De kachel wordt aan gezet en met een warme chocolademelk (al dan niet met een shotje drank erin) worden we langzamerhand weer warm.

We varen nog een klein stukje verder, naar een volgend eiland: Von Otterøya, waar we in een bijna omsloten baai voor anker gaan. Het is een prachtige avond en na het diner gaan we nog een landing maken. Ook nu gaan we in twee groepen uit elkaar; Jaap gaat met Sarah mee en ik ga, samen met nog één ander iemand, met de kapitein Serge mee. Het is een enorm rotsachtige bodem. Vanaf boven hebben we prachtig zicht op de steeds lager staande zon die op de baai en op de Antigua schijnt. En aangezien het zo’n zeldzaam mooie avond is, maken we nog een zeldzaam verschijnsel mee; muggen op Spitsbergen!






Geen opmerkingen:

Een reactie posten