6 juni 2018

Dag 15; Independence Mine en Hatcherpass ....... toch??

Sneeuw en muskusossen

Vandaag stond er weer een bergetappe op het programma. Dat wil zeggen; een bezoek aan de Independence Mine en vervolgens rijden over de Hatcher Pass. Deze bergpas schijnt een van de mooiste in heel Alaska te zijn met prachtige ruige natuur en vele vergezichten. 
Het mijndorp is bekend om het goud wat hier werd gevonden. Lange tijd was het een bloeiende goudmijn, tot het in 1953 failliet ging. Sindsdien is iedereen er vertrokken en is er niets meer aan het dorp gedaan. Gevolg is dat het mijndorp is veranderd in een soort spookstadje, iets wat ik heel erg leuk vind om te bezoeken. Vanaf de mijn loopt er een wandelpad naar een bergmeertje, wat een prima plek is om te lunchen en te genieten van de omgeving.
Kortom.....ik had wel zin in deze dag!!

We vertrokken weer met goed weer. We reden een stuk door Palmer en langzamerhand kwamen we meer in het buitengebied. Een van de weinige gebieden waar landbouw wordt bedreven in Alaska, dus een ander uitzicht dan we eerder hebben gehad. Her en der zagen we boerderijen, al dan niet in gebruik. 
Uiteindelijk kwamen we op de bewuste bergweg. De weg slingerde zich langzaam omhoog. De wolken hingen laag en de combinatie met water maakt dat je op sommige plekken nog een aardig uitzicht had. Onder meer op een van de vele bergmeertjes die langs de rivier zijn ontstaan. Meertjes waar de beverburchten in te zien waren en waar mooie eenden hun thuis hebben gevonden. 



En ook nu, net als vele eerdere dagen, lag er af en toe nog sneeuw langs de weg. Dat zijn we inmiddels wel gewend. Maar hoe hoger we kwamen, hoe meer sneeuw er lag. En er lag veel, heel veel sneeuw. "I can't BELIEVE there's STILL SNOW!!" riep onze gids meerdere keren uit, verbijsterend om zich heen kijkend.

Langzamerhand komen we boven. We passeren de toegang tot Hatcher Pass. Meer dan dat kunnen we ook niet doen, de pas is gesloten. Grote slagbomen blokkeren de weg en al snel begint de sneeuw. Het is duidelijk, de Hatcher Pass kunnen we niet rijden, Summit Lake zullen we niet kunnen bereiken.


Onze hoop is gevestigd op Independence Mine. Zo'n tweehonder meter van de toegang tot Hatcher Pass ligt de parkeerplaats voor Independence Mine. En dat is ook hoever we kunnen komen, tot zover is de weg begaanbaar. Vanaf de parkeerplaats loopt nog een weg naar de mijn toe, maar die ligt nog helemaal in de sneeuw. Een patrolauto blokkeert de weg en in de verte zien we een sneeuwschuiver rijden. Er wordt ons verteld dat vandaag de allereerste dag is dat het lukt om daar met een sneeuwschuiver te komen. We mogen er niet naar toe, de mijn is nog dicht. Door de wolken heen kunnen we een kort moment nog een glimp opvangen van hoe de mijn er uit ziet, maar daar zullen we het vandaag mee moeten doen.


We lopen even rond. Aan de andere kant van de parkeerplaats, aan de kant van de toegang tot de Hatcher Pass ligt een heel klein plaatsje. Dit wordt vooral in de winter gebruikt, wanneer je hier ook echt kunt wintersporten. Op de parkeerplaats vind je dan ook een bord, waarmee je kunt testen of je een tracker bij je hebt in geval je in een lawine terecht komt.


We proberen nog of we een stuk van de Hatcher Pass kunnen lopen. Aan het begin is het  nog te doen, zolang je in het midden van het pad blijft lopen. Wanneer je probeert naar de zijkant te komen, zak je al snel tot aan je knieën in de sneeuw. Het is zwaar lopen en iedereen keert al snel weer terug. 



We kunnen niet verder, dus er zit  niks anders op dan de weg weer terug te volgen en een nieuw plan te maken voor vandaag. We rijden de berg weer af en zakken langzaam weer uit de wolken, uit de sneeuw. Bij de rivier maken we nog een stop. Een beetje spelen met de camera en verschillende sluitertijden. 


Om toch een activiteit te hebben, gaan we met z'n allen naar een boerderij met muskusossen in de buurt. Op de boerderij krijgen we een rondleiding. Waar we eigenlijk allemaal wel een soort grote runderen hadden verwacht, bleek de muskusos niet zo heel groot te zijn en meer verwant aan schapen en geiten dan aan runderen. De naam is gekozen wegens de naar muskus ruikende urine die ze produceren. Het was aardig om zo eens op zo'n boerderij rond te lopen, maar je mist er niet veel aan als je dit overslaat.




We rijden naar een klein parkje in de buurt om met elkaar te lunchen zoals we meestal doen; alle boxen op een picknicktafel en iedereen smeert z'n eigen broodje. Na de lunch gaat ieder z'n eigen gang. Wij gaan terug naar het stadje en drinken nog wat in een lokaal eetcafé. Daarna ga ik terug naar het hotel om 's middags even wat te lezen en relaxen. Jaap loopt nog een stukje en ziet nog een stelletje sandhill cranes, de kraanvogel van Alaska.
's Avonds hebben we weer een heerlijk diner in een van de leuke restaurantjes die er zijn.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten